Kinderboerderij de Waterster Wateringen

💚🗓 DIER VAN DE MAAND 🗓💚


De oudhollandse kwaker


Sinds onze krielkippen de eieren van de super leuke eendjes hebben uitgebroed wonen er op de Waterster kwakers.

Heel veel bezoekers van de Waterster vinden onze kwakers super leuk, mede doordat ze heel mak zijn.

De kleur van onze “Kwakers” is zilver-donker-wild-kleur, dit wijkt af van de wildkleur van een wilde eend die in het Hofpark zwemt.

Klein, tam en luidruchtig. Van die eigenschappen moesten de kleine Kwakertjes het hebben. Kooikers gebruikten ze vroeger bij de vangst van wilde eenden. Met een groep van enkele tamme eenden, meestal grauwe kwakertjes, eendjes die aanzienlijk kleiner zijn dan de gewone wilde eend en een veel kortere snavel hebben, lokten de kooikers de wilde eenden de vangkooi in. Niet alleen het Kwakertje, maar ook het Kooikerhondje vervulde daarbij een belangrijke rol. De Kwakertjes dankten er hun naam ''kooi-eenden'' aan. Inmiddels staan ze te boek als roep eenden, niet in de laatste plaats vanwege hun welluidende stemgeluid van de dames.

De vrouwtjes zijn echte druktemakers. Ze zijn ook ontzettend tam, ze eten uit je hand.

De volwassen kwaker voedt zich met steentjes en zaadjes op de grond, gras en ander groenvoer (onder meer sla en (vogel)muurt), muggenlarven, vliegen en andere insecten, regenwormen, kleine slakken, eendenkroos en natuurlijk eenden voer. Hoewel dat moet wel zijn aangepast aan het kleine snaveltje. Gemengd graan is hiervoor geschikt. Kwakers kunnen wel tien tot vijftien jaar oud worden.

Ze leggen in het voorjaar ongeveer 15 eieren en gaan er dan op broeden, soms wel drie maal achter elkaar. Het broeden duurt 28 dagen. De eieren zijn ongeveer een kwart kleiner dan die van een legkip en wit tot lichtgroen van kleur. De kuikens van onze kwakers zijn kanariegeel met vlekjes. De onderdelen zijn nogal verschillend van formaat: een zeer klein lijfje met kleine vleugeltjes, grote poten met zeer grote zwemvliezen en een zeer lange snavel. De kuikens groeien snel op. Een paar uur na de geboorte kunnen ze zwemmen en na een paar weken kunnen ze vrij lange afstanden stappen. Als ze hun donsveren wisselen voor hun volwassen verenkleed verliezen ze ook een groot deel van hun vlekken. Nu pas valt het op dat de mannetjes (woerden) veel groter zijn dan de vrouwtjes en dat de snavel eigenlijk vrij klein is voor een volwassen eend.

Eenden moeten zwemmen om vet aan te maken. Ze hebben een vetklier boven hun stuit, deze werkt alleen als ze voldoende zwemmen. Ze smeren hun hele verenkleed in met dat vet daardoor zijn ze “waterdicht” en blijven ze drijven op het water.

Een ander wetenswaardigheidje van eenden is de eclipsrui, eenden zijn de enigste vogels die twee keer per jaar ruien.

Vanaf augustus zijn ze in winterkleed, oftewel hun prachtkleed. Dan zijn ze op hun mooist. In april ruien ze weer en krijgen hun zomerkleur, dan zijn man en vrouw vrijwel gelijk van kleur. Dan vallen ze minder op, zodat ze beter beschermd zijn tegen aanvallers (o.a. vossen). Omdat ze hun vleugelveren in een keer verliezen kunnen ze niet vliegen.